Ik was net dertig en kersverse vader toen de eerste editie van Eyeline Vlaanderen zijn weg vond naar de Vlaamse optiekers. Als freelancer was ik op zoek naar interessante opdrachten en zo kwam Eyeline op mijn pad.
Negentien jaar lang interviewde ik tientallen opticiens, bezocht ik beurzen, evenementen en congressen en legde ik contacten met heel wat actoren binnen de Belgische optiekwereld. Vandaag leest u mijn afscheidsartikel over die afgelopen negentien jaar.
Ik zag in die jaren veel veranderen. Tijdens die eerste interviews was Eyeline helemaal nog niet bekend in België en werd ik steevast als ‘nen Hollander’ onthaald, hoewel ze meteen wel hoorden dat ik een rasechte Vlaming/Limburger ben. Het hielp ook niet echt dat het mailadres op .nl eindigde. Nederlanders en Belgen: het blijft toch altijd een speciale relatie.
Maar na enkele nummers was Eyeline snel vertrokken: goede artikels, inhoudelijk sterk en een nooit geziene kwalitatieve fotografie overtuigden ook de Vlamingen van de kwaliteit die Eyeline bracht. De interesse en populariteit zouden de volgende jaren enkel maar toenemen.
Tijdens die eerste interviews in 2006-2008 bleek regelmatig dat de opticiens bang waren. Bang van internetverkoop, ketens en concurrentie. Het was een kantelperiode volgens mij. Opticiens werden overdonderd door nieuwe ketens die het straatbeeld veroverden en wisten zich soms nog niet goed een houding te geven. ‘Hoe ga ik hiermee om?’
Ik interviewde eens een opticien die drie kwartier lang vertelde over twee ketens die zich pas in zijn buurt gevestigd hadden en hoe dat zijn ondergang ging worden. Hij hekelde ook nog de toen opkomende online verkoop. Ik heb het even nagekeken: de bewuste optiekzaak bestaat nog steeds en floreert beter dan ooit tevoren.
Met Eyeline probeerden we een antwoord te bieden op deze angsten. Eyeline was een veilige haven waar opticiens leerden dat ze vakmensen zijn die nergens bang voor hoeven te zijn. Opticiens begonnen hierdoor stilaan zelfbewust te worden en een eigen marketing- en communicatiebeleid uit te werken. Sommigen waren daar al heel snel mee, anderen volgden later. Maar de professionalisering zette zich gestaag door.
Niet lang na dat najaar van 2006 diende zich een eerste crisis aan: de bankencrisis van 2008. Mensen durfden niks uitgeven en opticiens zagen enkele maanden lang hun verkoop kelderen. Eenmaal de financiële markten stabiliseerden, kwamen ook de klanten weer terug.
Een tweede crisis was het begin van de coronapandemie. Niemand mocht zijn woning verlaten. ‘Blijf in uw kot’, zoals de toenmalige minister van Volksgezondheid het uitdrukte. Voor heel wat opticiens bleek dit trouwens geen crisis te zijn: omdat veel mensen extra konden sparen, kwamen ze achteraf en masse toch nog een bril kopen. Veel opticiens zeiden me dat 2020 een echt boerenjaar was.
Wat me echt is opgevallen de afgelopen negentien jaar is dat de Belgische opticien veel zelfbewuster is geworden. Waar ze eerst nog in een hoekje de ketens zat te beloeren, zijn ze zich intussen veel meer bewust van hun unieke sterktes. Ze gaan uit van hun eigen kwaliteiten en kunnen die ook beter overbrengen naar hun klanten.
Veel optiekzaken werken vandaag samen met professionele bureaus. Ze kennen hun doelgroep en stemmen hun marketing en communicatie daarop af. Ze ervaren ook minder concurrentie van elkaar, omdat er ruimte is voor iedereen. Hetzelfde geldt voor ketens, die in een ander segment opereren. Zo verdient de zelfbewuste opticien goed zijn brood – al moet hij er keihard voor werken.
Ik sprak veel opticiens die aangaven dat het soms zwaar was, vooral het laatste jaar toen vaak het onderwerp ‘overnames’ ter sprake kwam. De sector zit in een nieuwe fase: consolidatie. Sommige zelfstandige zaken worden overgenomen, maar er starten ook nog elk jaar jonge mensen een eigen zaak. Jonge mensen met visie en vakmanschap. Geen naïeve dromers, maar gedreven ondernemers.
Als ik één rode draad zie in al die gesprekken, dan is het wel de veelzijdigheid van het beroep. De één houdt van techniek, de ander van mode, maar het is de combinatie van skills die optiek zo aantrekkelijk maakt. Ik sprak koppels die samen een winkel runden en het werk ook thuis voortzetten, en andere koppels die het net bewust loslieten na sluitingstijd. Een breed spectrum van mensen, met unieke verhalen.
Sommigen flamboyant en zelf vragend om een interview, anderen introvert en pas na veel overtuigen bereid om hun verhaal te delen. Maar stuk voor stuk inspirerend. Het was een plezier om te doen. Ik ben trots dat ik mocht bijdragen aan het groeiend zelfbewustzijn van de Belgische optieker – als journalist en redacteur van Eyeline, het beste vakblad dat er is.
Tags: Dave Cuypers